Wat is een zonnevlam?

Een zonnevlam is een grote explosie op de Zon die plaats vind wanneer de opgeslagen energie in getwiste magnetische velden (meestal boven zonnevlekken) plotseling vrijkomt. Zonnevlammen produceren een uitbarsting van straling over het elektromagnetisch spectrum, van radiogolven tot röntgenstraling en gammastralen. De energie die vrijkomt heeft het equivalent gelijk aan miljoenen atoombommen die gelijktijdig ontploffen! Zonnevlammen komen het vaakst voor wanneer de Zon actief is, rond het maximum. Het is dan goed mogelijk dat er vele zonnevlammen per dag plaatsvinden. Rond het zonneminimum zijn zonnevlammen zeldzaam en kunnen deze slechts een keer per week of zelfs nog minder voorkomen.Sterke zonnevlammen zijn zeldzamer dan de zwakkere zonnevlammen.

Een zonnevlam zoals gezien door NASA SDO

Afbeelding: Een spectaculaire zonnevlam zoals gezien door de NASA Solar Dynamics Observatory in de 193 Ångström golflengte.

Sommige (vooral sterke) zonnevlammen staan erom bekend dat deze enorme hoeveelheden zonneplasma kunnen uitstoten. Dit noemen we ook wel een coronale massa uitstoot. Coronale massa uitstoten staan erom bekend dat deze geomagnetische stormen kunnen veroorzaken wanneer deze bij de Aarde aankomen. Dit fenomeen is dus cruciaal voor poollicht in de Benelux.

De classificatie van zonnevlammen

Zonnevlammen worden geclassificeerd als A, B, C, M of X aan de hand van de piek flux (in watts per vierkante meter, W/m2) van de 1 to 8 Ångströms röntgenstralen nabij de Aarde, zoals gemeten door de GOES-15 satelliet. De tabel hieronder laat ons de verschillende zonnevlam klasses zien:

KlasseW/m2 tussen 1 en 8 Ångströms
A<10-7
B≥10-7 <10-6
C≥10-6 <10-5
M≥10-5 <10-4
X≥10-4

Iedere klasse is onderverdeeld in een logaritmische schaal van 1 tot 9. Bijvoorbeeld: B1 tot B9, C1 tot C9, etc. Een X2 zonnevlam is twee maal zo krachtig als een X1 zonnevlam, en is vier keer zo sterk als een M5 zonnevlam. De X-klasse categorie is anders en stopt niet bij de X9 maar telt door. Zonnevlammen van de X10 klasse of sterker worden soms ook wel eens ''Super X-klasse zonnevlammen'' genoemd.

A & B-klasse zonnevlammen

De A & B-klasse zonnevlammen zijn de twee laagste klasse zonnevlammen en niet echt interessant. De achtergrond flux (hoeveelheid straling terwijl er geen zonnevlammen zijn) zal vaak in de B-klasse te vinden zijn tijdens het zonnemaximum en in de A-klasse tijdens zonneminimum.

C-klasse zonnevlammen

Dit zijn kleine zonnevlammen die weinig of bijna geen waarneembare effecten hebben hier op Aarde. Alleen C-klasse zonnevlammen die lang duren zouden mogelijks een coronale massa uitstoot kunnen produceren maar deze zijn veelal zwak en langzaam. Bij aankomst op Aarde veroorzaken ze veelal geen significante geomagnetische verstoring.

M-klasse zonnevlammen

De middenmoot zijn de halfgrote zonnevlammen. Deze zorgen deze voor kleine radiostoringen aan de dagzijde van de Aarde. Kleine protonenstormen kunnen zich voordoen wanneer er een M-klasse zonnevlam plaatsvind. Het zijn vaak de zware en langdurige M-klasse zonnevlammen die voor poollicht kunnen zorgen in Nederland en België.

X-klasse zonnevlammen

De X-klasse zonnevlammen zijn de sterkste zonnevlammen die er zijn. X-klasse zonnevlammen zorgen voor radiostoringen (radio blackouts) aan de dagzijde van de Aarde en kunnen ook voor langdurige en sterke protonenstormen zorgen. Als de uitbarsting niet impulsief is en plaatsvind rond een zonnevlekkengebied die centraal op de zonneschijf staat, is er kans dat er een coronale massa uitstoot vrijkomt die een sterke geomagnetische storm kan veroorzaken met groots poollicht in Nederland en België.

X-klasse zonnevlam zoals gezien door de NASA SDO

Afbeelding: Een X-klasse zonnevlam zoals gezien door de NASA Solar Dynamics Observatory in de 131 Ångström golflengte.

Een subklasse hierin zijn de zeer uitzonderlijke super X-klasse zonnevlammen. Dit zijn de uitbarstingen vanaf X10 en zwaarder.Gelukkig komen deze uitbarstingen niet vaak (slechts enkele keren in een zonnecyclus) want de gevolgen op Aarde kunnen extreem zijn. De coronale massa uitstoten die bij dit soort uitbarstingen gepaard gaan kunnen tot leiden tot schade aan onze moderne technologie zoals satellieten en elektriciteitscentrales.

Een punt waar men op moet letten bij deze zonnevlammen is dat bijvoorbeeld een X20 zonnevlam niet tien keer zo sterk is als een X10 zonnevlam: een X10 zonnevlam staat gelijk aan een piek van 0.001 Watts/m2 waar een X20 zonnevlam gelijk staat aan een piek van 0.002 Watts/m2 in de 1-8 Ångstrom golflengte.

De zwaarste uitbarsting sinds de metingen van zonnevlammen begonnen in 1976, was waarschijnlijk een X28 zonnevlam op 4 november 2003 tijdens zonnecyclus 23. De detectoren op de GOES-12 satelliet die de kracht van zonnevlammen meet raakte 12 minuten lang verzadigd door de intense straling. Een latere analyse resulteerde in een piek sterkte van X28 al is dit nog een punt van discussie, er zijn wetenschappers die denken dat de zonnevlam nog veel sterker was dan X28. Gelukkig lag het gebied die deze uitbarsting produceerde tijdens de X28 zonnevlam al op de zonnerand maar toch was een deel van de coronale massa uitstoot aardegericht. Deze coronale massa uitstoot kwam aan op Aarde op 6 november 2003. De huidige satelliet die de sterkte van zonnevlammen meet is de GOES-15. Er is nog geen zonnevlam geweest die de instrumenten op GOES-15 verzadigde maar wetenschappers verwachten dat ook bij de GOES-15 de instrumenten zullen verzadigen zo rond de X17 klasse.

Hoogfrequente (HF) radio blackouts veroorzaakt door zonnevlammen

Zonnevlammen produceren grote hoeveelheden röntgenstralen en ultraviolet licht en deze zorgen voor problemen met hoogfrequent (High Frequency - HF) radioverkeer aan de dagzijde van de Aarde en de effecten zijn het meest intens op locaties waar de Zon op dat moment direct boven het hoofd is. Het is vooral het hoogfrequente radioverkeer tussen de 3 MHz en 30 MHz die tijdens zonnevlammen worden beinvloed maar ook de ultrakortegolf tussen de 30 MHz en 300 MHz (Very High Frequency - VHF) en hogere frequenties kunnen last hebben van een verslechterde ontvangst.

De oorzaak van deze radio blackouts zijn het resultaat van een hogere dichtheid aan elektronen in de lagere ionensfeer (D-laag) tijdens een zonnevlam. Radiogolven verliezen hierdoor veel energie bij het passeren van deze laag. Hierdoor zullen de radiogolven niet de veel hogere E, F1 en F2 lagen kunnen bereiken waar deze radiogolven normaal afgebogen worden en terug naar het aardoppervlak weerkaatst worden.

Radio blackouts zijn verreweg de meest voorkomende ruimteweer gebeurtenissen op Aarde. Kleine gebeurtenissen komen ongeveer 2000 keer voor tijdens een zonnecyclus. Radio blackouts zijn ook de snelste gebeurtenissen die aankomen op Aarde. De elektromagnetische emissie die vrijkomt tijdens een zonnevlam reist zo snel als het licht en doet er dus iets meer dan 8 minuten over om van de Zon naar de Aarde te reizen. Radio blackouts kunnen enkele minuten duren maar ook enkele uren. Dit ligt eraan hoe lang een zonnevlam duurt. Hoe ernstig een radio blackout is ligt aan de kracht van de zonnevlam.

De hoogste getroffen frequentie tijdens een röntgen radio blackout word bepaald aan de hand van de huidige röntgenflux tussen de 1-8 Ångström daar waar de Zon op dat moment loodrecht boven het aardoppervlak staat. De hoogste getroffen frequentie kan bepaald worden met een formule. Hieronder vind je een tabel waar je kan zien wat de hoogste getroffen frequentie is tijdens een bepaalde röntgenwaarde.

GOES X-ray class & fluxHighest Affected Frequency
M1.0 (10-5)15 MHz
M5.0 (5×10-5)20 MHz
X1.0 (10-4)25 MHz
X5.0 (5×10-4)30 MHz

R-schaal

NOAA gebruikt een vijf-niveaus systeem genaamd de R-schaal, om een gemakkelijke indicatie te geven van hoe ernstig een radio blackout is. Deze schaal gaat van R1 tot R5, waar R1 het laagste niveau is en R5 het hoogste niveau. Ieder R-niveau heeft een bepaalde röntgenwaarde als drempel. Bijvoorbeeld: een R1 radio blackout doet zich voor zodra de röntgenwaarde zoals gemeten door GOES de M1 overstijgt. R2 voor een röntgenwaarde van M5... etc. Via Twitter stuurt Poollicht.be alerts zodra een radio blackout niveau gehaald word. Doordat ieder R-niveau een bepaalde röntgenwaarde voorsteld, kan je deze alerts meteen associëren met een zonnevlam die op dat moment plaatsvind. We kunnen de volgende niveaus onderscheiden:

R-schaalOmschrijvingGOES X-ray drempel klasse & fluxGemiddelde frequentie
R1KleinM1 (10-5)2000 keer per cyclus (950 dagen per cyclus)
R2MatigM5 (5×10-5)350 keer per cyclus (300 dagen per cyclus)
R3SterkX1 (10-4)175 keer per cyclus (140 dagen per cyclus)
R4Zeer sterkX10 (10-3)8 keer per cyclus (8 dagen per cyclus)
R5ExtreemX20 (2×10-3)Minder dan 1 keer per cyclus

De afbeelding hieronder laat de effecten zien van een X1 (R3-sterk) zonnevlam aan de dagzijde van de Aarde. We zien dat de hoogste getroffen frequentie ongeveer 25 MHz bedraagd daar waar de Zon loodrecht op het aardoppervlak staat. Frequenties lager dan de hoogste getroffen frequentie verliezen meer energie dan hogere frequenties.

Zonnevlam radio blackout

Afbeelding: NOAA SWPC - D Region Absorption Product.

<< Keer terug naar vorige pagina

Op basis van de huidige parameters is er nu geen kans op poollicht in België en Nederland

Laatste nieuws

Steun Poollicht.be!

Om ook bereikbaar te blijven bij grote poollichtkansen hebben we een zware server nodig die alle bezoekers aankan. Doneer en steun dit project zodat we online blijven en je geen enkele poollichtkans mist!

100%

Laatste alerts

Ontvang directe meldingen!

Ruimteweer feitjes

Laatste X-klasse uitbarsting:10/09/2017X8.2
Laatste M-klasse uitbarsting:20/10/2017M1.0
Laatste geomagnetische storm:05/11/2018Kp6 (G2)
Aantal zonnevlekkenloze dagen in 2018:190
Laatste zonnevlekkenloze dag:11/11/2018

Deze dag in de geschiedenis*

Zonnevlammen
12002M7.4
22003M4.5
32003M3.9
42003M3.2
52003M1.8
ApG
1200326G1
2199917
3201515G1
4199614
5199711
*sinds 1994

Sociale netwerken